Afkicken

Terug in Osh rusten we uit en eten we flink bij. Het is bijna 40 dagen geleden dat we hier waren, en je kunt op de markt het tijdsverschil goed zien. De vorige keer was er amper fruit, nu liggen de kersen, abrikozen, nectarines en meloenen opgehoopt. 

We doen ons te goed aan al dat heerlijke fruit, ontbijten eindelijk weer eens met wat anders dan een gebakken ei en eten heerlijke taart, salades, kebab en vis, vergezeld van thee / compote / een biertje. 

Ik stap voor de lol ook nog even op een weegschaal. Ik had gedacht een kilo of 10 kwijt te zijn, maar het blijken er 13 te zijn. Dat is wel fijn: ik kan eten en drinken wat ik wil, maar aankomen doe ik zeker niet! 

Wilchard propt zich op zondag samen met de helft van de bevolking van Osh in een mashrutka (busje), op weg naar de veemarkt, ik draai me nog een keer om.

In Osh vogelen we ook uit hoe we terug naar Almaty fietsen. De geplande route blijkt niet alleen maar theoretisch wat ambitieus (als in: onverhard en te steil), en daarmee blijft er nog maar één terugweg over, en die hebben we op de heenweg ook gefietst. Nu was die route bijzonder fraai, dus we beginnen er graag aan.
De eerste fietsdag is een beetje een anticlimax. Na die geweldige tocht over de Pamir rijden we over een relatief vlakke weg naar Jalalabad. Het fietst enorm gemakkelijk, maar de weg is relatief druk en we passeren behoorlijk wat dorpjes. Dat was op de heenweg waarschijnlijk ook wel zo, maar zeker het aantal auto’s is even wennen, als je dagen van 1 auto per uur gehad hebt. In Uzgen, halverwege, is waarschijnlijk een veemarkt, want er komen opeens wel heel veel vrachtwagentjes met paarden, koeien of schapen voorbij. 

Jalalabad is daarentegen een stuk rustiger. De vorige keer dat we hier waren was het 9 mei, een feestdag en daarom superdruk. Nu is er geen feest en het is ook nog eens Ramadan, dus niet alle restaurantjes zijn open. Nu moet ik zeggen dat Ramadan in deze regio wel even wat anders is dan Ramadan in het Midden-Oosten. Hier zijn wel wat restaurants dicht, maar er zijn er ook genoeg open, en grote delen van de bevolking eten ook gewoon overdag. Dat is wel relaxed, dan kunnen wij ook gewoon eten en drinken wanneer we willen. 

De volgende dag is een rustig fietsdagje. We hoeven maar 57 kilometer en de weg is redelijk, alhoewel wel her en der flink opgelapt. En was er de vorige keer ook zoveel verkeer? 

We zijn in ieder geval al voor de middag in Kochkor Ata. De receptioniste van het hotel herkent ons nog. De vorige keer vroegen ze zich namelijk af of ik een man of vrouw was. Die vraag krijg ik wel vaker met mijn lengte, korte haren en niet heel vrouwelijk figuur. Nu was ik dus die vrouw met die kleine borsten die terug kwam. 

We doen rustig aan. De vorige keer regende het, nu is het bloedheet. We lopen dus even over de markt, eten een kebabje en drinken een biertje. Verder hangen we vooral. Dat is het voor- en nadeel van ergens al zijn geweest: we hebben het dorpje al eerder bezocht, dus bij 36 graden houden wij het voor gezien.

Ook de volgende dag is een relaxdagje. Zo’n 300 meter omhoog en 300 meter omlaag over een kleine 70 km. 

Langs de weg staan veel mensen groenten en fruit te verkopen. Je kunt goed zien dat het meloenenseizoen is aangebroken. De galia-, honing- en watermeloenen liggen hoog opgestapeld. Als we langs rijden vult hun geur onze neus. 

We krijgen een stukje honingmeloen aangeboden van ene Ruslan, en als we accepteren snijdt hij de hele meloen voor ons op. Heerlijk is ‘ie. Als Ruslan hoort dat we richting Bishkek gaan krijgen we nog twee galiameloenen toegestopt. Om ons de Ak-Bel pas over te helpen. We stoppen regelmatig om wat te drinken, maar zijn toch al rond het middaguur in Tashkumir. Morgen gaan we de bergen weer in, dus het landschap wordt al een stuk mooier.

We vinden een homestay en nemen een koude douche. Met een fietscomputer die aangeeft dat het 44 graden is, hebben we geen behoefte aan warm water.

We gaan een hapje eten. Het is een stukje lopen eer we een restaurantje vinden. Dat heeft een beperkte kaart (shaslick en manti), maar als we vragen of ze ook een tomatensalade hebben (die staat immers op de tafel naast ons) worden we doorverwezen naar het winkeltje tegenover. Daar kunnen we tomaten, komkommer en ui kopen, en in het restaurantje maken ze er dan een salade van. Ideaal, want dan kunnen we ook de verhouding tussen de drie zelf bepalen. 
Dit zie je in meer restaurants: je kunt je eigen spullen gewoon meenemen. Soms rekenen ze een extra percentage over wat je wel besteld hebt, maar soms ook niet. Het meest extreme dat we gezien hebben was een gezelschap van zo’n 8 personen die hele pannen met eten bij zich hadden en voor zover wij konden zien alleen thee bestelden. 

Op de terugweg naar de homestay nemen we een iets andere weg. We komen nu van de andere kant aangelopen, en zien dat de buurman van de homestay ook een restaurantje heeft. Ach, dat is dan handig voor vanavond.

De volgende ochtend rijden we definitief de bergen weer in. We volgen het Naryn reservoir weer. En het is weer een prachtige route. Bijzonder hoe blauw-groen water kan zijn.

We waren van plan om in Karakul een rustpauze te nemen en nog een kleine 400 km door te fietsen tot aan het Toktogul meer. Wat kilometers en tijd betreft kan dat prima, maar het is simpelweg te heet. We houden het voor gezien in Karakul en eten een kebabje met, jawel, een glaasje bier.

Het gevolg van deze keuze is een bijzonder korte volgende fietsdag. De eerste 28 km zijn langzaam omhoog.

De vorige keer dat we hier fietsten wisten we niet hoe snel we door moesten fietsen. Het regende namelijk pijpenstelen. We hebben toen geschuild bij een theetentje langs de weg, en besluiten daar nu te stoppen voor ontbijt. Maar wat we niet voor mogelijk hielden gebeurt: ze geven aan geen thee te hebben! Geen thee, in Centraal-Azië, het moet niet gekker worden. Het restaurantje ligt naast een riviertje. Bijzonder idyllisch, behalve als er veel sneeuw gesmolten is en het riviertje buiten zijn oevers treedt. De plek waar we zo’n anderhalve maand geleden zaten kun je nu met droge voeten niet meer bereiken. 

We ontbijten bij de buren en blijven lekker een tijdje zitten. We bestellen nog een extra pot thee en helpen een vader die zijn dochtertje op de foto wil zetten terwijl ze op een van onze fietsen zit. Paps vindt het duidelijk veel leuker dan dochterlief. Ik heb zelden iemand zo angstig zien kijken op een foto. De fiets is eng, maar wij zijn nog veel enger. 

Na de ontbijtstop hoeven we alleen nog maar een kilometer of 3 flink omhoog, naar een pasje, en daarna mogen we 8 km zonder te trappen naar beneden met regelmatig doorkijkjes naar het Toktogul meer. Zoals overal staat er langs de kant van de weg regelmatig een vrachtwagen waaronder de chauffeur ligt te sleutelen.

Bij het Toktogul meer checken we weer in in het resort waar we de vorige keer ook zaten. We lopen via het meer naar een restaurantje 2 km verderop. Er wordt gezwommen. Dat betekent dat je je auto net niet met zijn voorwielen in het meer zet, zodat je geen meter verder hoeft te lopen dan nodig. In het restaurantje eten we een heerlijk visje met tomatensalade.

Terug in het hotel gaan we aan een overdekt tafeltje met uitzicht op het meer zitten. Het is in de tussentijd flink dreigender geworden, en zo kunnen we de regenbuien rond het meer zien trekken. Ze komen ook bij ons. Je hoort de regen aan komen rollen, en als hij er is maken de druppels een oorverdovend lawaai op het zinken dakje boven onze tafel. Wij zitten mooi droog en laten de buien over ons heen trekken. 

In de nacht blijft het doorregenen en donderen. Als de wekker gaat is het nog niet opgehouden, dus we besluiten even af te wachten. Terwijl de laatste druppels vallen fietsen we richting Toktogul. We worden dan wel niet nat van de regen, maar de combinatie van de gevallen neerslag, de luchtvochtigheid en een vanaf 25 graden oplopende temperatuur maken dat het voelt alsof je in de sauna fietst. En aan het begin moeten we ook nog omhoog! Het is wel weer bijzonder fraai, ook al is het het gros van de tijd bewolkt. We zijn al lang blij dat we het droog houden. 

In Toktogul eten we natuurlijk weer ijsjes. Ik eet er één, Wilchard drie. Verschil moet er zijn, ik krijg vanavond het grootste deel van de zak chips. 

Op speciaal verzoek even wat cijfertjes. We hebben nu zo’n 4500 kilometer gefietst. We fietsen gemiddeld 13 km per uur (denken we), dus dan kun je zelf wel uitrekenen hoeveel uur we in die 3 maanden netto gefietst hebben. 

17 thoughts on “Afkicken

  1. Neem dus vooral nog een biertje, Wendy, fijne glazen ook;-) Wat mooi is het daar!

  2. Hoi Wilchard en Wendy,
    Fantastisch elke keer om over jullie avonturen te lezen. Soms met een beetje jaloezie (die snel over is als ik lees over de primitieve accomodaties waar jullie verblijven ;-)).
    En wat een geweldige foto’s ook!
    Wij gaan zelf ook op fietsvakantie dit jaar, maar ja… 2 weekjes Nederland en België, stelt natuurlijk niks voor bij wat jullie doen 😉

    1. Je past je snel aan hier: we zeiden vandaag nog tegen elkaar dat de overnachtingsplekken een stuk beter waren dan we hadden verwacht. Maar alles is inderdaad relatief, en in vergelijking met Nederland zijn veel plekken basic. En fietsen in BE/NL is ook heel leuk. In ieder geval betere fietspaden …..

  3. Beste Wilchard en Wendy.

    Wat zijn jullie reisverslagen geweldig en dan heb ik het nog niet over de foto,s.

    Ik ben ook benieuw wat jullie tot nu toe aan de fietsen hebben moeten vervangen ?

    Heel veel succes toegewenst met de reis.

    Groet, marcel

    P.s Op verzoek van Eric Linssen mail ik jullie verslagen ook aan hem door. hij gaat volgend jaar met pensioen, dus kan al aspiratie op doen.

Comments are closed.