Voorlopig de laatste kilometers in Kirgizië, op naar Tajikistan

Onze laatste rustdag is erg relaxed. We ontbijten uitgebreid (blini’s!) en drinken daarbij echte koffie. Dan volgt het enige klusje van vandaag, het uitprinten van de Tajiekse visa. Dat is snel gebeurd, want drie deuren verderop zit een internetshopje met printer. We wandelen langzaam (want het is warm) naar de markt. Onderweg komen we een bakker tegen die zowaar iets heeft wat eruit ziet als Bossche Bollen!

De markt is enorm groot, dus er valt weer genoeg te bekijken. 

Als je een simkaart koopt, heb je zelf nog een beetje keuze qua prijs. Hoe gemakkelijker te onthouden, hoe duurder, lijkt het.

De markt loopt links en rechts van een riviertje, en aan het riviertje is het wat koeler en zitten wat restaurantjes. Daar eten we onze lunch, maar niet eerder dan dat we gekeken hebben of de tort bazar inderdaad is wat de naam doet vermoeden. Jawel, en hal vol fantastisch uitziende taarten! We mogen proeven, en ze zijn ook nog eens superlekker.

Vanuit de bazar lopen we het park in. Ook hier mooie theehuizen en we gaan nog ergens zitten. Een oude baas van 85 vindt dat Nederland toch wel ontzettend mooie vrouwen heeft (waarvoor dank). De communicatie gaat wat lastig, maar we komen er wel. Bovendien is hij meteen nadat wij zijn gaan zitten op zoek gegaan naar iemand die Engels spreekt, dus die wordt er af en toe bij getrokken.

Boodschappen voor de lunch morgen, avondeten op een terras met een biertje en dan is het op tijd naar bed. We hebben besloten om, zo lang het zo warm is, rond zes uur te vertrekken, zodat we de eerste kilometers in relatieve koelte kunnen afleggen.

Relatief koel is het inderdaad, relatief vlak niet. De eerste 25 km gaan 450 meter omhoog. Niet steil, maar wel gestaag. Daarna naar beneden, en weer naar boven, maar een stuk minder gestaag. De laatste 30 km is het een kwestie van af en toe meetrappen, want die gaan naar beneden. 

Als we ergens thee gaan drinken krijgen we koekjes uit het winkeltje bij de thee. De jongste dochter des huizes (een jaar of 2,5) mag meehelpen in de huishouding: knoeien met water. Ze maken hier de stoep nat tegen het stof en om verkoeling te brengen, en dat kan zij natuurlijk prima. Als we willen afrekenen mag dat niet. Op weg naar Osh hadden we al bekertjes water met bubbels gekregen van iemand die zelf zo’n fles gekocht had, en Wilchard kreeg van een passerende auto ook drinken aangeboden. Iedereen wil weten waar we vandaan komen, en onderweg is het veel hello, salaam, assalaamu alaikum en af en toe privjet. Voelt fijn, die gastvrijheid.

Wat thee betreft kunnen we Kirgizië indelen in 3 sectoren. Het noordelijke deel van de route, tot grofweg Toktogul, krijg je een theekannetje en wordt er standaard suiker meegeserveerd. Tussen Toktogul en Osh nog steeds een kannetje, maar geen suiker meer. Als je om suiker vraagt komt hij wel en staat hij soms los op de rekening. En ten zuiden van Osh krijg je regelmatig geen theekannetje meer maar zo’n grote Chinese thermoskan met thee, en is de suiker terug: megaklonten die niet oplossen in één kopje thee.

We stoppen in Kyzyl-Kia, waar we gelukkig nog een kamer vinden. Het dorp is niet dik bezaaid met hotelletjes, en er schijnt iets met voetbal te zijn. Net voordat we het dorp inrijden vliegt er een drone boven de weg. In de berm zit een twintiger die hem met zijn telefoon bestuurt. Niet helemaal wat je verwacht als je over de Kirgizische wegen stuitert. Als we worden ingehaald door een witte stretch-hummer (limousine) gevolgd door 5 identieke zwarte landrovers is meteen duidelijk wat die drone daar deed: bruiloftsfotografie 2.0.

De volgende dag is een aankabbeldag. 45 Kilometer naar Kadamjay. De volgende plaats met hotel ligt 109 km verderop, en 153 kilometer vinden we overdreven als het niet hoeft. We stappen rond 8 uur op de fiets en stoppen onderweg regelmatig voor thee of ijsthee. De eerste 40 km zijn zo goed als vlak. 

We fietsen net ten zuiden van de Oezbeekse grens. Soms kijken we een zijweggetje in en zien we prikkeldraad gespannen. Helaas loopt de vlakke weg naar Kadamjay via Oezbeeks grondgebied, waar we geen visum voor hebben, dus wij pakken de doorgaande weg die net in de uitlopers van de bergen loopt. Het uitzicht wordt meteen fraaier. 

Kadamjay ligt onder in het dal, langs een riviertje. De laatste paar kilometer zijn dan ook bergaf. De eerste kilometers omhoog het dal uit zijn voor morgen, eerst eens lekker lunchen in een restaurantje aan het water. 

Die eerste kilometers omhoog vallen wel mee. We stijgen 140 meter, maar het gaat zoveel makkelijker als het nog geen 35 graden is …. 

Het is een lange dag van zo’n 110 km vandaag. Na de eerste stijging en de daarop volgende afdaling blijken er de eerste helft van de route restaurantjes en winkeltjes genoeg te zitten. Dat is fijn, want het is een warme dag vandaag. De tweede helft, als het pas echt warm wordt en we weer langzaam de eerder gedaalde meters stijgen, is het gedaan met de bebouwing en dus ook met de winkeltjes en restaurantjes. We hebben wel voldoende water bij ons, al is dat warmer dan sommige douches die we gehad hebben. De huizen in dit deel van Kirgizië zien er heel anders uit. Ze zijn veel groter, en staan veel verder uit elkaar. Het is hier ook een stuk uitgestrekter en minder druk, wat het in vergelijking met de eerdere vlakke kilometers waar meer bebouwing was fraaier maakt. 

In Batken, de laatste stad in Kirgizië voordat we de grens over gaan, hebben we geluk. Het hotel zit vol. En dat betekent dat een medewerkster haar zus belt, die Engels studeert, en dat we daarna achter een lada aanfietsen die ons naar het huis van haar broer brengt. Voor 5 euro pp hebben we een eigen kamer met ontbijt. Super. Wij blij, zij wat extra inkomsten.

We maken niet veel mee van Batken. Die 110 km hebben behoorlijk wat energie gekost, en we beseffen dat de megadagen van dik 170 en dik 140 van het begin alleen mogelijk waren omdat het toen een graad of 20 frisser was.

De weg naar de grens met Tajikistan is nog in aanbouw. Maar ze zijn wel druk bezig, dus de gravel is plat gewalst en fietst erg fijn. Kirgizië uit gaat, net zoals Kirgizië in, erg snel. Ook Tajikistan in duurt niet al te lang. Er is een douanier die Engels spreekt, en die mag ons afhandelen. Op internet had ik gelezen dat er een heel formulier ingevuld moest worden met je electronica plus buitenlands geld, en dat je voor boeken sinds april vooraf toestemming moest hebben gevraagd, maar ze vragen nergens om en er wordt niet naar onze bagage omgekeken. We krijgen zelfs geen immigration card om in te vullen. Die vragen we toch maar even, omdat de douaniers bij de grens waar we Tajikistan weer uit gaan bekend staan om hun geld-aftroggel-praktijken, en een missende immigration card is natuurlijk een uitgelezen kans voor die lui. Er wordt even gezucht (daar heb je weer zo’n buitenlander die op internet gelezen heeft dat je zo’n card nodig hebt …), maar we krijgen er een, met stempel, dus kunnen door. Beide grensovergangen samen duren 31 minuten.

Ons eerste contact met de Tajieken is een tegenmoet komende buschauffeur die als hij ons ziet meteen op onze weghelft komt rijden en ons toeschreeuwt of we thee met hem willen drinken. We slaan vriendelijk af. Zijn bus zit trouwens half vol, dus ik weet niet of zijn passagiers heel blij zouden zijn geworden.

Het is een korte fietsdag vandaag. Na 21 km stoppen we in Isfara, de tegenhanger van Batken aan de Tajiekse kant. We vinden een basic kamer voor de ultiem lage prijs van omgerekend 4,12 euro. Zo goedkoop gaan we ze niet meer vinden. Het is nog een gedoe om dat hotel te kunnen betalen. Onze bankpassen worden in geen enkele pinautomaat geaccepteerd. We hadden al begrepen dat pinnen in Tajikistan lastig kon zijn, dus uiteindelijk wisselen we cash euro’s die we speciaal voor de niet-pin-mogelijkheden hebben meegenomen. 

Isfara is een leuk klein stadje waar een rivier doorheen stroomt. Langs die rivier is het wat koeler, een uitgelezen kans voor een restaurantje. En natuurlijk bezoeken we ook hier de markt.

Tajikistan klinkt heel anders dan Kirgizië. En dan bedoel ik het gepraat van de mensen om ons heen. Kirgizisch (en trouwens ook Kazachs) is verwant aan het Turks, Tajieks aan het Farsi (Iraans). We gaan dus van de hardere korte klanken naar de zachtere ronde klinkers. Alsof je van de Randstad in Limburg terecht komt.

Ook de prijzen zijn weer even wennen. Een brood is 10 cent, iets maar niet veel goedkoper dan in Kirgizië. De kebab is net zo duur, 50 cent per stuk. Een biertje is heel veel goedkoper, nl. slechts 35 cent versus 90 cent in Kirgizië. Frisdrank verschilt erg. Dezelfde heb je niet, en de lokale limonades (suikerwater met een smaakje en prik) zijn supergoedkoop, de merken (die jen niet overal hebt) iets duurder. En thee doet 10 cent de pot tegenover 10-20 cent in Kirgizië. Om jullie trouwens enigszins een idee te geven: we zijn nu een maand of anderhalf onderweg en geven met zijn tweeën gemiddeld 35 euro per dag uit. Daarvan is 60% overnachting en 40% eten/drinken/etc. 

Op onze eerste echte fietsdag in Tajikistan gaat de wekker om 4.30 uur. Het is hier nl een uur vroeger dan in Kirgizië, dus als we van de relatieve koelte van de eerste uren willen genieten moeten we er heel vroeg uit. Meteen nadat we Isfara uit zijn begint het feest. De Chinezen zijn de weg aan het vernieuwen, maar nog niet klaar, dus dat betekent een 12 km lange omleiding. En een omleiding hier is een zandpad met keien. Gelukkig kunnen we na een km of 4 tussen wat grote stenen door de nieuwe weg op. Die is nog niet klaar, maar relatief glad en wel al een eerste keer verhard, plus we hebben geen last van het stof dat de auto’s opwerpen. Niemand stuurt ons eraf, dus tot einde omleiding hebben we goede weg, en daarna is het bergaf. 

Op de kruising waar we linksaf naar Khojand moeten zit een restaurantje, en zo zitten we om kwart over 7, als we al een kwart van de route erop hebben zitten, aan een geweldig verrassingsontbijt. We vragen thee, gebakken eitjes en brood, maar krijgen er nog verse yoghurt, crème fraîche, gecondenseerde melk en verse moerbeien bij. Super!

De tocht naar Khojand is verder niet heel spannend en ook niet heel inspannend, aangezien hij zo goed als vlak is en we in totaal ook nog wat dalen. De weg is meestal redelijk goed, en af en toe is er opeens 25 meter aaneengelapt asfalt. Goed opletten dus zodat je daar niet al te hard overheen gaat. Dat is namelijk niet zozeer gevaarlijk, als wel onaangenaam.

Rechts ligt een meer, een kilometer of 2 naar links Kirgizië. We zien een tuin met stoelen en stoppen voor een theetje. Het ziet er supersjiek uit, met mooie zitjes en zowaar een vijver met waterlelies. Het is dan ook de laatste plaats waar we verwacht hadden niet te mogen betalen. 

Aan het begin van de middag rijden we Khojand binnen. En dan zijn we nog anderhalf uur bezig om een hotel te vinden. Ofwel het is vol, ofwel het staat op de kaart maar is niet herkenbaar als hotel, ofwel de fietsen kunnen in onze ogen niet veilig staan. Uiteindelijk helpt een jongen van een jaar of 14 op een fiets, die studeert aan het plaatselijke gymnasium, ons aan een hotel. We zitten op de 5e verdieping van wat ooit het hoogste gebouw van Khojand was. De fietsen kunnen op de kamer en passen gekanteld in de lift. Fijn, het is nooit leuk lang naar een hotel te moeten zoeken. Tijdens het zoeken hebben we trouwens wel een pinautomaat gevonden, die zo vriendelijk is ons geld te geven, dit ook tot verbazing van de manager die even komt kijken. Hij wist niet dat zijn pinautomaat ook geschikt was voor buitenlandse passen.

Als we ’s ochtends wakker worden regent het. De rest van de dag blijft het buien. Het lijkt alsof ze het weten daarboven: als het regent, is dat relatief vaak op een rustdag. Tussen de regendruppels door lopen we naar de markt. Die is hier heel groot, en gelukkig veelal overdekt. Meestal wordt otkuda (waar komen jullie vandaan) vergezeld van een suggestie. Meestal is dat Amerika, gevolgd door Duitsland. Vandaag opperde iemand de Filipijnen. Nu zijn we wat minder bleek en wat afgevallen, maar ik vermoed dat ze ons daar niet voor een inwoner aanzien. 

De witte balletjes op de foto hierboven zijn gedroogde zoute kaas. Doet het hier uitstekend als snack bij een biertje, en is te koop in vele groottes, kwaliteiten en smaken.

Tegenover de markt zit een islamitisch complex. Er is weinig te doen, behalve dan op het plein ervoor. Daar kun je voor weinig een zakje vogelvoer kopen voor de duiven die er in grote aantallen aanwezig zijn. Dat is met name leuk voor de kleine kinderen, die er dan doorheen kunnen rennen zodat ze opvliegen. Een jochie weet er zelfs een te vangen.

De rest van de tijd vullen we met theetjes, koffie en gebak, en een bezoekje aan de Tajburger. Het eten is er ok, maar vooral hebben ze er wifi, en dat is na een dag of 5 ook weer een keertje fijn. 

21 thoughts on “Voorlopig de laatste kilometers in Kirgizië, op naar Tajikistan

  1. Hoi Wilchard en Wendy,
    Wat fantastisch!! Geweldig om jullie avonturen te lezen. Vooral blijven schrijven! De natuur is fabelachtig maar de mensen zijn het mooist. Khojand klinkt bekend en leuk om de grote bazaar met zijn mensen terug te zien. Knap en dikke pluim voor jullie fietstochten ? Ik was allang afgestapt. Wensen jullie heel veel plezier en succes op de volgende etappes. Nu alweer benieuwd naar jullie nieuwe verhalen. Groetjes Bart en Jacqueline

    1. Hoi Bart en Jacqueline
      Het is inderdaad fabelachtig mooi. Jullie kunnen er je vast van alles bij voorstellen, want volgens mij is het nog geen jaar geleden dat jullie hier waren. Groeten in Erp!

Comments are closed.