IJsjes en zo

Als jullie in Kirgizië zouden wonen, dan zouden oma An en opa Huub waarschijnlijk bij jullie in huis wonen. Wij logeren nu vaak bij mensen thuis, en zien dan dat oma en opa bij het gezin wonen. Oma past op de kinderen en let erop dat niemand zomaar binnen komt. Als ze nog niet te oud is maakt ze ook het eten klaar. We hebben opa eigenlijk nog niet zoveel zien doen. Dat is ook niet eerlijk!

We zien nog steeds heel veel koeien, paarden, schapen en geiten. Wilchard moest zelfs een keer heel hard remmen omdat er opeens een groepje paarden overstak. Er was niet eens een herder bij.

We hebben heel veel verschillende soorten weer hier. Binnen 2 weken hebben we een dag met regen, een dag met sneeuw, dagen met mooi weer waarop er wel nog sneeuw ligt en dagen waarop het zo warm is dat we maar in de schaduw gaan zitten in plaats van in de zon. Op die dagen kunnen eindelijk de jas en trui uit, en kunnen we korte mouwen aan. Wilchard fietst zelfs al met blote benen!
En als het dan zo warm is, is er natuurlijk niets zo lekker als een ijsje. We hebben hier al heel veel ijsjes gegeten, uit de diepvries, maar in Toktogul, waar het ook zo warm is, is er een echte ijszaak. We hadden op internet gelezen dat hij ergens op de markt moest zitten, dus wij zoeken en zoeken, tot we eindelijk een winkel zagen met een getekend ijsje boven de deur. We hadden geluk, dat was hem! Ze hadden heel erg lekker vers softijs. 

Wilchard heeft zelfs nog een extra ijsje gehaald toen dat van hem op was en ik nog bezig was met het mijne. Hij zegt dan altijd dat hij een kleiner ijsje gehad heeft dan ik, de grappenmaker, maar hij eet het gewoon sneller op!
’s Middags zijn we nog een keer terug gegaan, en toen hebben we nog een groter ijsje gehad. Een half uur later kwamen we iemand uit het hotel tegen die we er ook even heen gebracht hebben, en Wilchard heeft toen nog maar een klein ijsje genomen. 

Hoeveel ijsjes heeft Wilchard nu gehad? Inderdaad, vier, en hij heeft niet eens buikpijn gekregen!

Naast ijsjes heeft iedere winkel heel veel snoepjes en koekjes. Die kun je dan los kopen, dus je kunt precies de snoepjes uitkiezen die jij zelf het lekkerst vindt. 

Ook het brood is hier heel bijzonder. Dat is bijna altijd rond en wit van binnen met een mooie goudbruine korst. Het heeft dan een opstaande rand die wat dikker is, zodat je het als je wilt als bord kunt gebruiken. In het midden maken ze hele mooie patronen, met een soort stempels. In plaats van inkt, zitten er allemaal naaldjes op de stempels die die figuren maken.

In een van de plaatsjes waar wij zijn is het feest. Je kunt heel veel spelletjes doen: met pijltjes op ballonnen gooien, proberen een ring om een fles te gooien en proberen zo lang mogelijk aan een rekstok te hangen. In het park staat een zweefmolen en de rups.

Er is ook een circus met een clown, acrobaten, een kangoeroe en een zeeleeuw. 

De clown vraagt of er kinderen zijn die net zo goed kunnen hoelahoepen als hij, en er zijn er een paar die dat wel willen laten zien. De eerste moet hoelahoepen zoals iedereen hoelahoept, met de hoepel om het midden. Daarna gaat de hoepel om de hals, om de arm en om een been. Vooral dat laatste is lastig. Probeer maar eens om op 1 been te staan en om de hoepel om het andere been te draaien!