Langs de kust

Vanuit Batukaras zijn we in dik 30 km over een mooi gladde weg naar Pangandaran gefietst. We hebben de route wat aangepast en rijden alleen nog maar over de grote(re) wegen. Enerzijds jammer omdat die wat minder scenic zijn, maar anderzijds wel prettig om enigszins normale hellinghoeken te hebben en fatsoenlijke ondergrond. Ook op de doorgaande wegen weten de Indonesiers ons te verrassen, maar toch iets minder dan op de binnendoorweggetjes.

 
 
 
 

Pangandaran is onze tweede en laatste strandplaats, dus nog gisteravond heerlijke gebbqde garnalen gegeten aan het strand, vergezeld van een ijskoud biertje.

 
 
 
 

Vandaag doorgereden naar Cilacap. Gelukkig geen noemenswaardige hoogteverschillen, want het was een lange dag (93 km) en niet te vergeten bloedheet. Het begon trouwens al goed, zo’n 50 m voorbij het hotel viel mijn trapper eraf. 6 uur was zelfs voor de plaatselijke tambal ban (fietsenmaker) te grof, maar gelukkig kwam hij al om kwart over 7 opdagen en waren we een kwartier later wel onderweg.

 
 
 
 

In Cilacap hebben we een superdeluxe hotel als beloning voor de gigantische prijs van 26 euro, en schuin tegenover gado gado gegeten. Het restaurantje ernaast werd beheerd door moeders en haar 2 dochters van begin 20, en moeders was zeer te spreken over Wilchard. Veel Engels kende ze niet maar bij de foto van hun tweetjes viel het woord handsome en dochterlief werd er nog een keer op uitgestuurd om te vragen om een selfie met Wilchard, maar dat bleek bij nader inzien te gaan om een foto met mams. Blije gezichten alom.
Ik snap wel dat de term handsome viel, want Wilchard had zich voor het eerst in 6 dagen weer laten scheren! Nou ja, laten … Uiteindelijk heeft hij het toch maar zelf gedaan, nadat ze het eerst geprobeerd had met nivea.