Mzungu’s in de mist

We doen een dagje lekker rustig aan in Kibuye en stappen daarna weer op de fiets om in vier dagen naar Oeganda te fietsen. De laatste dagen was het overdag prima weer maar kwam het in de vroege avond met bakken uit de hemel, vergezeld van donder en bliksem. Overdag merk je al dat het zal gaan onweren, het is drukkend benauwd. Vandaag is geen uitzondering, en als we klimmen zie ik eruit alsof ik mijn hoofd onder de kraan gehouden heb en maakt een Rwandees Wilchard erop attent dat hij iets bij zich heeft wat lekt. Alleen, dat is Wilchard zelf. Er hangt even een dreigende lucht en we vragen ons af of we het droog gaan houden, maar die vraag is niet heel relevant want we hebben geen droge draad meer aan ons lijf.

We fietsen langzaam weg van het meer en komen opnieuw theevelden tegen. Het blijft mooi om daar tussendoor te fietsen.

Op dag één gaan we omhoog, op dag twee omlaag, omhoog en omlaag en op dag drie omhoog en omlaag. De vierde dag, waarop we de grens met Oeganda over gaan, is relatief vlak met maar één echte stijging van een meter of 250. Uiteindelijk hebben we in Rwanda dik 11.000 hoogtemeters gehad die we ook weer naar beneden mochten, verspreid over 12 fietsdagen. Dat is grofweg 11 keer de Alp d’Huez op en neer. Met bepakking.

Degenen die Oeganda in cijfertjes willen zien, kunnen de landenstaatjes hier vinden. Weer een nieuw land betekent ook weer aan de linkerkant van de weg rijden. Dit keer geen slimme trucjes om het verkeer van weghelft te laten veranderen, we mogen het zelf uitzoeken.

In Kisoro, onze eerste stop in Oeganda, nemen we een rustdag. Hier worden allerhande activiteiten georganiseerd, waarvan de meest populaire een bezoek aan de gorilla’s is. Dat kost hier trouwens de helft van de prijs in Rwanda, maar wij vinden het nog steeds te duur. In plaats daarvan bezoeken wij één van de gevolgen van het ontstaan van de nationale parken waar de gorilla’s te vinden zijn. Voordat het kratergebied op de grens van Rwanda, Oeganda en Congo tot nationaal park verheven werd, was dit een van de laatste gebieden waar de Batwa leefden. Deze jager-verzamelaars werden in 1991 het park uitgezet en moesten maar een nieuw leven zien op te bouwen. Één van de manieren waarop ze in hun onderhoud voorzien is, zoals bij veel stammen die in de verdrukking zitten, toerisme. Je kunt een bezoek brengen aan een plek waar je kunt zien hoe ze vroeger leefden, maar wij kiezen voor een bezoek aan een gemeenschap in Kisoro zelf.

Als we aan komen lopen zien we een aantal gebouwen met daarbij…. Tja, ik weet niet eens hoe ik het moet noemen. Hutje is een te groot woord. Van takken en plastic zijn schuilplaatsen gemaakt waar soms hele gezinnen leven. De kamers in de gebouwen zelf zijn ietsje beter, maar er zitten gaten in het dak, deuren en ramen zijn afwezig en alles is zwartgeblakerd van de kolen waarop gekookt wordt. Als het regent wordt alles vochtig en klam, niets is schoon. Ik weet niet hoe ze voorheen leefden, maar dit is grote armoe.

De Batwa zijn pygmeeën, maar dat betekent niet dat ze extreem klein zijn, enkel ietsje kleiner dan hun landgenoten. In hun gemeenschap houden ze hun taal, liederen en dansen wel nog in ere, er worden zelfs hele zang- en danscompetities tussen de verschillende gemeenschappen gehouden wordt ons verteld. Natuurlijk worden wij ook op een voorstelling getrakteerd. En geen idee of ik het me inbeeld, maar ze lijken er plezier in te hebben. Een deel van de kinderen imiteert de volwassenen, in ieder geval goed om te zien dat dat deel van hun cultuur niet verloren lijkt te gaan.

Met een gemengd gevoel nemen we afscheid, ook omdat op het einde ophef ontstaat om de betaling. Heeft onze gids teveel achter gehouden? We zullen het nooit weten.

Hier gaan we ook maar weer een simcard regelen. We laten dat meestal afhangen van hoe vaak we Wi-Fi hebben in combinatie met hoe lang we in een land zijn, en in Oeganda lijkt het de moeite. Eerst bureautje 1. We kopen een simcard en die wordt geactiveerd. Binnen 5 minuten klaar. Dan willen we data hebben. Na de keuze voor 2GB die een maand geldig blijven, worden we naar de tax lady gestuurd. Oeganda heeft namelijk een social media tax ingevoerd. Als je wilt whatsappen (voor ons de belangrijkste reden om een simcard te kopen), facebooken of instagrammen kost je dat 200 Oegandese shilling (5 eurocent) per dag, bovenop je dataverbruik. Volgens de president is het een drempel die wordt opgeworpen om roddelen tegen te gaan, maar uiteindelijk is het gewoon spekken van de staatskas, als het geld tenminste niet ergens aan de strijkstok van een belangrijke ambtenaar blijft hangen.

We betalen de tax lady 6.000 shilling, die ze stort op mijn MTNPay account. Via dat account kan ik dan de social media tax betalen. Ze zijn hier (en hier is dan Afrika) een stuk verder met mobiel betalen, iedere provider biedt het aan. En zelfs bij het kleinste winkeltje hangt een logo dat je er met mobiel kunt betalen.

Op naar bureautje drie, waar de top-up lady zit. Bij haar kopen we belminuten, die we via een snelmenu kunnen omzetten in data.

Klinkt allemaal omslachtig, maar ze zijn er hier zo aan gewend dat het heel snel geregeld is.

Als we de volgende ochtend wegfietsen is het stralend weer. Het heeft gisteren weer eens geregend, maar bij uitzondering betekent dat een keertje dat het lekker fris en niet benauwd is. Terwijl we wegklimmen van de vulkanen, kunnen we ze in ieder geval goed zien liggen.

Vandaag is trouwens de intensiefste give me dag tot nu toe. Ieder tweede kind is ervan overtuigd dat wij wat moeten geven en begint meteen met vragen, gimme wordt niet eens meer vooraf gegaan door good morning, how are you, wat tot nu toe wel het geval was. Zelfs behoorlijk wat volwassenen wagen een poging. Het zal wel samenhangen met de vele safari-auto’s die ons passeren, komend van of gaand naar de gorilla’s.

Zodra we de klim achter de rug hebben draaien we een bocht om en mogen we omlaag. Na eerst nog wat regenwoud met zelfs wat bavianen, zien we in de diepte het Bunyonyi meer liggen. Nu vinden wij meren van een afstandje mooier dan wanneer we op de oever staan, dus we volgen de weg verder, naar Kabale. Langzaam worden de heuvels minder hoog.

Als we van Kabale wegfietsen mogen we nog even omhoog, maar daarna lijkt het landschap zelfs een combi van Engeland en de Ardennen. Tenminste, als je de bananen- en palmbomen wegdenkt.

Een kilometer of vier voor onze eindbestemming blijkt dat we of korter hadden moeten lunchen of een theestop hadden moeten skippen. Het lukt ons niet de onweersbui voor te blijven. Gelukkig kunnen we de schade beperken door bij een huis onder het afdak te schuilen. Terwijl we daar zo staan, terwijl niemand ons lastig valt of een vraag stelt, kunnen we niet anders dan ons voorstellen wat de reactie zou zijn als twee Oegandezen in Nederland in een portiek voor de regen zouden schuilen ….

De volgende ochtend rijden we vroeg weg en hebben we prachtig licht. We proberen vandaag Queen Elizabeth National Park te halen, 116 km verderop en dik 1100 meter klimmen. Halverwege hebben we een beslismoment, want daar zit een wat grotere plaats met hotels. Overnachtingsmogelijkheden genoeg trouwens, onderweg, maar vaak zijn die plekken erg basic dus als het niet hoeft dan liever niet.

De eerste helft van de route herinnert het landschap aan de tweede helft van gisteren, maar dan met meer bananenbomen. We zijn al om 12 uur in Ishaka, de plaats halverwege, en we besluiten door te rijden. 3/4 van de hoogtemeters hebben we achter de rug en we mogen nog fors naar beneden.

Maar eerst lunch. Waar we in Tanzania onderweg overal chipsi mayai konden krijgen, regeert in Oeganda de rolex. Dit is hier naast een horloge ook een chapati opgerold met een omeletje erin. In de omelet wordt, als je wil, wat witte kool meegebakken en er wordt wat tomaat op gesnipperd. Prima fietsvoer.

Na Ishaka verandert het landschap en krijgen we weer theevelden. Gevolgd door regenwoud aan de linkerkant van de weg, een kratermeertje en wat dorpjes. Ook vandaag worden we achtervolgd door donkere wolken. We horen het donderen en zien de regen naar beneden vallen. Voelen doen we hem gelukkig, op wat spettertjes na, niet. Twintig kilometer voor het einde dalen we flink af. We kunnen de savanne van Queen Elizabeth National Park in de diepte zien liggen.

Onze eindbestemming is het Kazinga kanaal, dat midden door het park loopt. Om daar te komen mogen we nog een stuk over de doorgaande weg door het park rijden. Borden geven aan dat er een snelheidsbeperking geldt, en die wordt gehandhaafd door de belabberde staat van de weg. Het is maar goed dat het midden op de dag is en de meeste beesten het dan te warm vinden, want al onze aandacht gaat naar het wegdek. Bij aanvang van het park zien we wat apen en, in de verte, drie olifanten. En net voordat we bij het kanaal zijn nog twee olifanten, weer een eindje van de weg. Geen idee wat we onderweg gemist hebben.

Het is hier een stuk lager en daarmee een stuk warmer dan de afgelopen periode. We vinden een guesthouse aan de rand van het kanaal en doen niet veel anders meer dan een biertje drinken, wat eten en hippo’s spotten (we zien er 6). En net buiten het hek staat een buffel.

10 thoughts on “Mzungu’s in de mist

  1. Wat een prachtige landschappen en die Batwa mensen, wat een armoede.
    Het is net alsof ik meereis.
    Zo afwisselend de afgelopen maanden.

  2. Hoi globetrotters,het verhaal en de foto’s zijn weer prachtig,al is het af en toe pittig,jullie genieten wel.Geweldig,groetjes.

  3. Wat weer een heel beleving maken jullie door in dit Afrika. De natuur, de bergen en de wilde dieren, die wij alleen maar op televisie en dierenparken gezien hebben. Wij genieten hier met jullie mee met jullie geweldige zware fietstochten. Geweldig wat jullie daar beleven en te zien krijgen. In volle verwachting kijken we weer uit naar jullie volgende verslag en foto,s.

  4. Wat een prachtige natuur met schitterende kleuren. Mooie ervaringen!!!! Heerlijk dat jullie samen zo genieten.

  5. Jullie gaan wel als een speer door Afrika heen. Geweldig,verhalen ,foto’s en afstanden op en neer ! Genieten voor jullie en ook voor ons hier !

  6. Héél mooi weer! Maar wat een armoede, kunnen wij ons niet voorstellen!
    Ik heb weer volop genoten van het verhaal en van de foto’s!!

  7. Schitterende foto`s en ben super trots op jullie, wat een conditie moeten jullie hebben.
    En wat een luxe om dat mee te mogen maken.

  8. wat weer mooie foto,s van natuur en mens.
    af en toe denk ik aan het liedje””spring maar achterop bij mij ,op mijn fiets”

Comments are closed.