Baie crazy people, wees veilig op die reis

Er zijn mensen die zich afvragen hoe we nu weten waar we het beste kunnen fietsen, wat we onderweg kunnen doen en waar we kunnen overnachten. En zo zijn er nog tig vragen die we her en der gesteld krijgen.

Iedere fietser vliegt zijn reis anders aan, maar degenen die me een klein beetje kennen weten dat ik van het plannen ben. Voordat we vertrekken heb ik meestal al een (groot) deel van de route klaar, gebaseerd op blogs van andere fietsers, toeristische sites, de mogelijkheden die het wegennet biedt en overnachtingsplekken. Als we eenmaal onderweg zijn blijkt dat we regelmatig afwijken omdat we nieuwe info krijgen of een bepaalde route in de praktijk bijvoorbeeld echt te steil is. En ik ben wel van het plannen maar ook van het plannen zijn er om aangepast te worden, dus dan doen we het gewoon anders.

Die nieuwe info krijgen we bijvoorbeeld van de mensen ter plekke (Warmshowers of gewoon mensen met wie je in gesprek raakt) of van andere fietsers. Die laatsten kwamen we in Zuid-Oostazië nog wel eens tegen, maar hier tot nu toe niet. Tenminste niet in het echt. We zaten al in een whatsapp groep met fietsers die met name in Azië aan het fietsen zijn, maar nu ook nog in een groep specifiek voor Afrikafietsers. De administrator van die groep heeft een supermooie kaart gemaakt met daarop alle Afrikagangers die in de groep zitten. En drie keer raden wie er het meest zuidelijk zit. Een deel van die fietsers komen we onderweg misschien tegen, want niet iedereen rijdt van zuid naar noord.

Het bijhouden is echter nogal wat werk, en er blijkt ook een kaart te zijn op googlemaps met fietsers over de hele wereld. Die heeft én het voordeel dat iedereen zijn eigen locatie moet bijwerken, én dat hij redelijk up-to-date is.

De mensen in de groep helpen elkaar. Dat kan zijn omdat iemand behoefte heeft aan feedback op een route, maar ook als je een praktische vraag hebt over of er bijvoorbeeld ergens een fietsenmaker zit of hoe je in een bepaald land een simkaart kunt krijgen. In combinatie met de kaart waarop je kunt zien of iemand in de buurt is, heb je zo toch een clubje gelijkgezinden die elkaar de wereld over helpt.

Over plannen zijn er om veranderd te worden gesproken: eigenlijk zouden we helemaal niet in Oudtshoorn komen. Ik had namelijk mooie beelden gezien van de Swartbergpas, en gebaseerd op wat we in Azië gereden hebben zouden we die moeten kunnen fietsen. Maar toen ik de route maakte had ik die gravelweg naar de airbnb bij Joubertina nog niet opgefietst. Of beter gezegd, opgelopen met fiets aan de hand. En de Swartbergpas is op de steilste 12 km ook gravel en een stuk hoger en langer. Na nog een keer naar het hoogteprofiel gekeken te hebben besluiten we dat we hem wellicht wel kunnen halen maar dat dat geen feest wordt. En dus rijden we naar Oudtshoorn.

Nu ligt Oudtshoorn aan de andere kant van de pas, en de eigenaar van onze airbnb vindt het geen probleem om ons en onze fietsen tegen betaling van zijn dieselkosten naar de top te brengen. Niet alleen rollen we nu enkel bergaf, maar ook nog eens zonder bagage.

In een uurtje rijden we de berg op, met onze fietsen achterin het bakkie (pick-up). Het uitzicht is heel mooi en de weg is op de meeste plekken goed te doen. Bij vlagen is hij echter slecht en steil, meestal vallen die twee samen. Bovenop laden we de fietsen uit en stappen we op. Het is fijn dat we geen bagage hebben, vooral omdat we daardoor minder wind vangen. Het waait namelijk behoorlijk. De eerste 300 meter valt in de categorie slecht en steil. Niet fijn, want dat zijn ook de meters dat we moeten wennen aan de wind en het wiebelige fietsje zo zonder bagage. Maar met de rest van de fiets hebben ook de remmen in Nederland een grote beurt gehad, dus het is vooral een kwestie van langzaam en aan de kant van de berg fietsen. Het enige andere verkeer bestaat uit wat eenzame toeristen die ook gelezen hebben dat de pas mooi is, maar dan vanuit een auto.

We dalen langzaam af. Gelukkig wennen we snel en wordt de weg beter waardoor we wat meer om ons heen kunnen turen. Het is een enorm mooi gebied. Ruige bergen met in de diepte her en der wat landbouw.

Waar de gravel over gaat in asfalt zit een koffieplek, Kobus Se Gat. Hier laten we ons een tweede ontbijt goed smaken, met uitzicht op de weg die we zojuist zijn afgedaald.

We mogen nog 38 kilometer tot we terug zijn op onze slaapplek, maar daarvan gaan zeker de eerste 10 nog hard. Het is namelijk nog steeds een procent of 5 naar beneden, maar nu over goede asfaltweg. Daarna vlakt hij af en mogen we zelf meetrappen. We passeren wat struisvogelboerderijen (Oudtshoorn is in het verleden rijk geworden met de verkoop van het vlees en de veren) en een veld waar enorme bladeren geoogst worden. Het blijkt tabak te zijn. Grappig, die had ik hier toch niet verwacht.

We krijgen nog een gemakkelijk dagje. Het is hier even wat vlakker en, minstens zo belangrijk, de wind is gaan liggen. Zo zijn we al rond de middag in Calitzdorp, de porthoofdstad van Zuid-Afrika. We weten redelijk zeker dat we goed zitten vandaag, met grote letters staan de namen van de verwachte gasten op de poort gekalkt. Gecombineerd met het karafje port dat op onze kamer staat geeft dat een welkom gevoel.

Het is mooi dat we op tijd zijn aangekomen, want de weg die we volgen, de R62, wordt aan de toerist gebracht als de langste wijnroute ter wereld en in Calitzdorp zitten een paar wijndomeinen op loopafstand. De Krans en Boplaas blijken op zondag open, dus we gaan eens een kijkje nemen. Je kunt goed zien dat de droogte ook hier zijn tol eist, de oogsten zijn bijna de helft van wat ze voorgaande jaren waren.

Op bijna alle wijndomeinen in Zuid-Afrika kun je een proeverij doen, dus ik ben benieuwd. De Krans heeft een fraai terras tegen de wijnranken aan. Je zit er mooi, maar het is nogal doods. De lunchdrukte is net afgelopen en we zijn de enige gasten. De proeverij laat ik dan ook aan me voorbij gaan. Wel kijken we welke witte wijnen ze hebben. Degene die ons het meest aanspreekt proeven we en als hij goed is bevonden laten we het glas vol schenken en nemen we plaats op het terras. Wilchard heeft een semi-zoete muscadel, ik een chardonnay. Zo kun je toch weer zien wie van ons de zoetekauw is.

Bij Boplaas zit je minder scenic, maar is wel wat meer te doen. Een tafel heeft al een tijdje zitten tafelen maar is vergeten af te spreken wie de Bob is. Uiteindelijk wordt unaniem besloten dat Theresa het bakkie mag besturen. Het andere tafeltje vindt het maar niets dat er geen muziek op staat en heeft niet alleen een eigen radiootje bij zich maar ook een gitaar. Gezelligheid alom dus. Na een Sauvignon Blanc lopen we terug naar onze slaapplek, kook ik een groene curry (uit pakje maar wel met heel veel verse groenten) en sluiten we de dag af met een portje.

Gelukkig voelen we de alcohol niet meer de volgende ochtend, want we mogen aan de bak. Het is een kort dagje vandaag, maar 30 km, maar die gaan wel grotendeels omhoog.

Uiteindelijk zijn we rond twaalven in Amalienstein en rijden we eerst nog naar Chrissy. Zij heeft een theekamer op de boerderij waar het dorp naar vernoemd is. Je zit mooi, met uitzicht op koetjes en kalfjes, maar officieel is ze niet open op maandag. Een kop koffie is echter geen probleem en ze komt meteen even kletsen. Fietsen is niets voor haar en bovendien is een goede fiets redelijk duur, maar ze wandelt wel iedere dag een paar kilometer op en neer naar haar werk. Niet zozeer voor de conditie, maar om de extra kilo’s tegen te gaan. Ze hoeft maar een slok koffie te drinken of hij plakt al op haar heupen, vertelt ze lachend. We prijzen nogmaals een fietsreis aan waarbij je kunt eten en drinken wat je wilt zonder aan te komen, maar het gaat hem niet worden.

We zitten hier voor de verandering in een gekleurde (coloured) gemeenschap, een township op het platteland. Niet te vergelijken met een township in de stad, en veilig. En voor de duidelijkheid: coloured is dus iets anders dan mensen met een zwarte huidskleur, wordt ons in onze airbnb door Christina duidelijk gemaakt. We zien inderdaad dat we de mensen kunnen indelen van lichtbruin tot medium-donkerbruin, echt superdonker zijn ze niet. Er is dus een hele classificatie.

Het township waar we logeren bestaat uit Mandelahuisjes. Deze zijn gebouwd in de jaren negentig en 6 bij 4 meter groot. De muren zijn van steen en de enige binnenmuren zijn die van de badkamer, verder is het één ruimte. Het dak bestaat uit golfplaat. Om ieder huis ligt een stukje land waarop de bewoners vruchten en groenten verbouwen. Er is elektriciteit en stromend water. De mensen uit het bestaande dorp, Zoar, zijn simpelweg naar deze huisjes verplaatst. De oudere generatie wilde niet verkassen, en dus zitten inmiddels opa en oma in Zoar en kinderen, kleinkinderen etc in Amalienstein. Gelukkig wel op loopafstand.

Ons gastgezin heeft aangebouwd. Dus in plaats van één kamer waarin het hele gezinsleven zich afspeelt hebben ze die ruimte deels in gebruik als woon/eetkamer en deels als keuken. De aanbouw, van golfplaat, is met kasten in tweeën opgedeeld en als deuren dienen twee gordijntjes.

Christina is een actieve vijftiger. Haar man werkt op een boerderij, zelf vindt ze zich te oud voor dat zware werk en is ze gestopt. Ze is kunstenares en op allerhande gebieden actief. Via via kwam ze in contact met airbnb en ze vond het een goed plan om zelf een homestay te beginnen. En daar zitten we nu.

We hebben tijd genoeg om de township te verkennen. Christina loopt mee. Ze kent alles en iedereen en loopt overal naar binnen. Iedereen met een fiets wordt aangespoord om morgen met ons mee op en neer te fietsen. Er is zelfs iemand die zegt dat hij er om acht uur zal zijn, maar wij hebben zo onze twijfels. We gaan het zien.

We struinen de crèche De Besige Bijtjes binnen. Deze wordt gesubsidieerd. De kinderen worden tegen betaling van 400 rand (€27) per maand 5 dagen per week opgevangen en krijgen drie maaltijden per dag. Ik mag een blik werpen op het menu voor komende week en zou het niet erg vinden om met ze mee te eten. Veel koolhydraten maar ook veel verse groenten.

We zien vier klassen. Ze hebben allemaal een dagprogramma dat tegen de muur hangt en dat een afwisseling bevat van rust, spelen en spelenderwijs leren. Als wij aankomen hebben ze net hun middagdutje achter de rug. Het duurt even voordat ze wakker genoeg zijn om een high five te durven geven, maar daarna is de schroom weg. Ze blijven wel uitermate beleefd zo onder toeziend oog van de juffrouw.

We vervolgen onze tocht met een bezoek aan de kliniek. Ook hier krijgt Christina het voor mekaar dat iemand ons uitleg geeft. Het is vooral eerstelijns opvang. De vaste staf bestaat uit een verpleegster, een schoonmaker en een receptioniste, en via een NGO rouleert een setje artsen om de gevallen te helpen waar de verpleegster niet genoeg kennis en ervaring voor heeft. Wat hun pet te boven gaat sturen ze door naar de grotere klinieken en ziekenhuizen.

In het township zitten wat winkeltjes en een Fish&Chips restaurantje dat een paar dagen in de maand open is, net nadat de lonen zijn uitbetaald. Een ritje naar het eerste stadje in de buurt, Ladismith, kost 50 rand enkele reis. Geen geld voor ons, maar voor iemand van hier een redelijk bedrag dat ze liever niet uitgeven aan transport. De wat grotere boodschappen worden opgespaard.

Fijn om zo een inkijkje in het leven van de mensen in de township te krijgen, buiten een tourtje om.

Aan het einde van de dag komt Phillip, haar man thuis. Nog 3 jaar en dan is hij zestig en mag hij met pensioen. Hij blijkt zijn baas over ons verteld te hebben en te hebben gevraagd of die mee wil fietsen, maar die voelde zich wat zwakjes door de naweeën van een griepje.

We eten gewoon met het bord op schoot terwijl we kijken naar een aflevering van de Zuid-Afrikaanse GTST. Om stipt zes uur is het hier uitgestorven op straat, iedereen volgt de avonturen van de collega’s van Ludo en Laura.

Er staat de volgende ochtend zoals verwacht geen medefietser klaar, dus we rijden met zijn tweetjes de Seweweekspoort in en uiteindelijk na 21 km heen en 21 km terug weer uit. Al snel rijzen de bergwanden aan weerskanten omhoog. De dag begint bewolkt, maar gedurende de ochtend wordt het langzaam blauwer en worden we omringd door talloze roodtinten. De rotsen laten goed zien welke krachten er in de loop van de tijd zijn uitgeoefend. Verschillende lagen wisselen elkaar af en ze zijn vaker wel dan niet alle kanten op gebogen. In de kloof loopt een riviertje, en met het heldere water vullen we een vijfliterfles die Christina ons heeft meegegeven.

In de middag krijgen we hoog bezoek. De oorspronkelijke bewoners van Zuid-Afrika zijn de khoi, en Christina heeft geregeld dat de chief en een delegatie langs komt om iets over hun afkomst te vertellen. Om stipt vier uur komt een auto aangereden met vier mannen en een vrouw. De chauffeur en tevens grootste man uit het gezelschap is de chief en hij krijgt zodra hij uitstapt een traditionele luipaardmantel en een soort dubbele medaille om en een hoofdtooi op. De andere heren hebben ook traditionele khoi kleding over hun gewone kleren aan, maar minder uitgebreid. Ook aan het respect waarmee hij benaderd wordt kun je goed zien wie de chief is.

De onderchief neemt het woord. Voor zijn pensioen was hij leraar en dat merk je. Langzaam pratend, grotendeels in het Afrikaans, geeft hij uitleg over de khoi en het feit dat ze na de kolonalisatie gemarginaliseerd zijn. De zendelingen hebben eerst de chiefs benaderd en gekerstend, en daarna was het een koud kunstje om ook zijn volgelingen tot het Christendom te bekeren. Hun taal werd vervangen door Afrikaans en hun bestaan op papier uitgevaagd. Boeiend om te horen dat ze nu oude gebruiken in ere herstellen en hun nakomelingen weer trots willen laten zijn op hun afkomst. De godsdienst lijkt het enige waar ze absoluut geen afscheid van willen nemen. Zoals bijna overal wil de jeugd niet terug naar die goede ouwe tijd, dus ze hebben nog een lange weg te gaan. We krijgen uitleg over hun sieraden, kruiden en inwijdingsritueel. Dat laatste echter in zeer beperkte mate, want er is een geheimhoudingsplicht, dus veel meer dan dat er een inwijdingsritueel is weten we nu nog niet.

Bij het afscheid vormen we een kring en gaat de chief ons voor in gebed. Ontroerend, want het is speciaal gericht op ons, om ons een veilige reis te wensen. Het is een heel verhaal in het Afrikaans en gaat helaas iets te snel om woordelijk te volgen, maar we maken eruit op dat hij God vraagt niets slechts op ons pad te zenden en ervoor te zorgen dat onze reis veilig is. Er komt ook een brullende leeuw in voor, maar wat daar omheen kwam konden we helaas niet verstaan.

De officiële kledij gaat weer uit, iedereen stapt in de auto en tien minuten later is het dorp weer uitgestorven want dan start de soap. Ik hoop voor hen dat ze op tijd thuis waren.

Vanuit Amalienstein hebben we een kort dagje naar Ladismith. Een heel kort dagje zelfs, het is maar 20 km. Deze gaan wel weer door een mooi landschap.

De volgende dag zetten de mooie landschappen zich voort. Tenminste, voor zover wij dit vanuit een rijdende auto kunnen beoordelen. Als we wakker worden stormt het namelijk. Wilchard denkt al dat er vandaag niet gefietst wordt, ik hoop nog dat de wind harder klinkt omdat er bomen voor ons raam staan. De buurman zit in het kamp van Wilchard, hij weet te vertellen dat er een stuk verderop snelheden van 70 km per uur gemeten zijn. Als het dak van een huis verderop wegwaait hoef ook ik niet verder overtuigd te worden.

We gaan weer naar binnen. Lizette, de eigenaresse van de airbnb, vraagt nog wat rond in haar omgeving naar iemand die ons naar Barrydale zou kunnen brengen. De enige die positief reageert kan wel ons, maar niet onze fietsen meenemen, dus dat wordt hem niet. Uiteindelijk rijden we naar het tankstation aan de doorgaande weg om te kijken of we daar een lift kunnen regelen. De eerste chauffeur die we vragen vindt het oprecht vervelend, maar hij moet naar een rechtszaak en kan ons niet brengen. Om zich vervolgens te verontschuldigen dat hij niemand anders in de buurt kent die hij het zou kunnen vragen. Bij de tweede hebben we wel geluk. Hij wil ons graag meenemen maar hoeft maar tot een km of 35 voor Barrydale, dus als dat geen probleem is ….. Natuurlijk is het dat niet, we zien daar wel verder, dus nog geen 10 minuten nadat we bij het tankstation zijn aangekomen zijn we al op weg. Uiteindelijk zet hij ons nog 8 km verder af, omdat we daar meer kans hebben een lift te krijgen. En vindt hij het vervelend dat hij vandaag een klusje echt af moet maken, anders had hij ons tot Barrydale gebracht. En van betalen kan natuurlijk geen sprake zijn. Supergastvrij, die Zuid-Afrikaners.

En zo zijn we aanbeland bij Ronnie’s Sex Shop. Het verhaal gaat dat Ronnie een winkeltje langs de R62 had waar hij wat basisbenodigdheden verkocht. Toen hij een paar dagen weg was, zouden zijn vrienden de naam voor de gein veranderd hebben in Ronnie’s Sex Shop. Ronnie was in eerste instantie not amused, totdat ze hem vertelden dat zijn inkomsten vervijfvoudigd waren. Wat ervan waar is weet ik niet, maar het is in ieder geval briljante marketing. Inmiddels is zijn supermarktje uitgebouwd tot kroeg, restaurant en winkeltje waar je t-shirts kunt kopen met ‘I was in Ronnie’s Sex Shop’. In de kroeg hangen, om in ‘stijl’ te blijven, bh’s en damesslipjes tegen het plafond. De heren mogen hun onderbroek blijkbaar aanhouden, bijzonder romantisch. Financieel is hij er in ieder geval niet slechter op geworden.

De wind lijkt minder te zijn geworden en we besluiten de laatste 27 km te fietsen. Het waait inderdaad iets minder, maar daar is alles mee gezegd. Wind mee zouden we er zo zijn geweest, zelfs zonder te trappen, nu doen we er drie uur over. En ook vanaf de fiets is het landschap weer indrukwekkend.

Vanuit Barrydale neemt de landbouw toe. We zien meer wijnboerderijen, maar ook weer veeteelt en, naarmate we Montagu naderen, fruit.

We zijn nauwelijks op weg of er komt een boomlange vent langs Wilchard fietsen. Hij blijkt een Zwitser die zijn geluk aan het beproeven is in Zuid-Afrika. Drie jaar geleden heeft hij een boerderij gekocht. Bij zijn selectie heeft hij rekening gehouden met het meest zeldzame goed in Zuid-Afrika, water. Hij heeft de boerderij gekocht die het hoogst op de berg ligt zodat hij het meeste en zuiverste water krijgt. Alleen zit er soms bavianenpis in.

Halverwege lunchen we op een parkeerplek waar zo’n beetje tegelijkertijd een man en een vrouw op een motor aankomen. Crazy people, noemt ze ons. Maar ze geeft toe ook graag de wijde wereld in te willen trekken. Ze werkt in een kliniek waar mensen beenmergtransplantaties ondergaan en heeft dagelijks met de dood te maken, dus ze is zich erg bewust van de korte tijd die we hier hebben. Maar hij wil niet en alleen vertrekken is niet wat ze wil. Daarom trekken ze er ieder vrij weekend op de motor op uit. We zijn dus baie crazy people, maar wel leuk gek.

Over plannen zijn er om veranderd worden gesproken, we hebben besloten om niet te stoppen in Nairobi, maar om de route wat aan te passen en door te fietsen naar Caïro en vandaar terug te vliegen voor de bruiloft van Iwan en Margith. Daar kan ik in ieder geval in mijn beste Egyptisch om een doos voor onze fietsen vragen!

8 thoughts on “Baie crazy people, wees veilig op die reis

  1. Hallo.
    Goed dat we paar dagen op de camping vertoeven want nu hebben de tijd om jullie prachtige verslagen te lezen. Wat ontmoeten jullie toch een prachtige mensen onderweg. Dit in combinatie met de mooie natuur maakt het weer tot een prachtig hoofdstuk uit jullie reis. Veel plezier, goede reis en tot het volgende verslag.

  2. Prachtige verhalen, super beeldend en geweldige fotos.
    Swartbergpas waren Yvonne en ik in november met 4 graden, maar zo mooi! En we hebben BBQ gegeten bij Kobus se Gat. En ik heb de struisvogels met me mee laten rennen achter hun hekken op weg naar Oudtshoorn.
    Wat genieten jullie veel. Zullen ook best mindere en zware dagen tussen zitten, maar denk dan aan ons hier die best met je willen ruilen en dat willen jullie weer niet!

  3. Wat een ruig landschap, zooo indrukwekkend!! Die kinderen in die school heerlijk! Hoe “spannend” gtst, schitterend, wel gezellig!!
    Weer prachtige blog en schitterende foto’s!!
    Groeten uit Helden!

  4. Wat weer schitterende foto`s en zeer aardige mensen.
    Jouw verhaal er om heen is fijn om te lezen.

Comments are closed.